Arrow iconArrow icon used in website

Bedrijfsprocessen automatiseren: waar begin je als je niet weet waar je staat?

De tools zijn er. De licenties zijn betaald en de implementatie is afgerond. En toch verdwijnen leads tussen systemen, besteedt sales te veel tijd aan CRM-administratie, en kan marketing moeilijk aantonen welke inspanningen bijdragen aan pipeline of omzet. De reflex is herkenbaar: een nieuwe tool, een extra integratie, nog een dashboard. Maar dat is zelden het antwoord. 

Na ruim 20 jaar ervaring en samenwerking met meer dan 1.500 merken in Europa hebben wij één heldere observatie: de meeste automation-projecten mislukken niet door de technologie. Ze mislukken, omdat organisaties starten bij de verkeerde vraag. Niet "welk probleem?" maar "welke tool?" Organisaties automatiseren processen die eerst opgeruimd moeten worden. Of er wordt gebouwd op data die niet klopt. 

Voordat je bedrijfsprocessen gaat automatiseren, moet je eerlijk zijn over waar je staat. Niet in theorie, maar in de praktijk. In deze blog laten we je zien welke vijf strategische vragen je kunt stellen voordat je business automation start of uitbreidt. En hoe je met de antwoorden de automation-volwassenheid van je organisatie kunt beoordelen.  

Close-up of a tree stump showing concentric growth rings and textured bark, illustrating the tree's age and natural patterns.

Vijf vragen om de automation-volwassenheid in je organisatie te toetsen

Vraag 1: Weet je hoeveel procent van je CRM-data daadwerkelijk bruikbaar is? 

Als we het hebben over bruikbare data, gaat het niet over data die ‘aanwezig’ is of ‘ingevoerd’. Het gaat om data die actueel en volledig is, gekoppeld aan de juiste records, en beschikbaar voor automation. De meeste organisaties schatten hun datakwaliteit op 70 tot 80 procent. Bij een audit blijkt het vaak 30 tot 40 procent te zijn. 

Het verschil zit in de definitie: data kan aanwezig zijn zonder bruikbaar te zijn. Een contactrecord met een naam en e-mailadres is slechts aanwezig. Een record met een valide e-mailadres, gekoppeld aan het juiste bedrijf, met een ingevulde functie, een bekende bron en een recente interactie is daadwerkelijk bruikbaar. Dat onderscheid bepaalt of je kunt automatiseren of niet. 

Een voorbeeld uit de praktijk: een organisatie had 2,3 miljoen contactrecords in hun data lake. Ze waren trots op dat volume. Na ontdubbelen, opschoning en validatie bleven er 340.000 bruikbare profielen over. De ‘rijke klantdata’ bleek een illusie.

Vraag 2: Kunnen sales, marketing en service dezelfde klant op dezelfde manier terugvinden? 

Werken sales, marketing en service in dezelfde systemen? Of heeft iedereen een eigen spreadsheet, eigen naamconventies, een eigen systeem naast het systeem? In veel organisaties is het pijnlijke antwoord : nee. Sales exporteert wekelijks een overzicht uit het CRM omdat de standaardweergave niet werktMarketing werkt vanuit een segmentatietool die niet helemaal synchroon loopt. Service zoekt op ticketnummer, omdat de klantkoppeling onbetrouwbaar is. 

Dit is geen technisch probleem. Het is een symptoom van systemen die niet aansluiten op werkwijzen, en werkwijzen die zich daarom buiten de systemen hebben ontwikkeld.  

Dat gebeurt vaak omdat adoptie pas overwogen wordt als de implementatie al is afgerond. Dat is te laat. Adoptie is geen fase aan het einde van een implementatie. Het is een voorwaarde aan het begin van een geslaagd automation-traject.   

Vraag 3: Wanneer heb je voor het laatst een workflow verwijderd? 

De meeste organisaties bouwen alleen maar bij. Elke campagne een nieuwe workflow, elke edge case een nieuwe branch, elke nieuwe medewerker een eigen variant. Tot niemand meer weet wat er draait en waarom. 

In een recent project troffen we 47 actieve workflows aan in een marketing automation platform. Na analyse bleek dat slechts 12 workflows 80 procent van het werk deden: welkomstreeksen, abandoned cart, post-purchase flows. 23 workflows waren duplicaten of varianten die ooit voor een specifieke campagne waren gemaakt en nooit waren opgeruimd. 12 workflows draaiden op segmenten zonder contacten: technisch actief, maar functioneel waardeloos. Na opschoning bleven er 15 workflows over. Het systeem werd sneller en het team begrijpt nu wat er draait. De deliverability van e-mails verbeterde, omdat er minder onnodige berichten werden verstuurd. En er ontstond ruimte om nieuwe, goed doordachte workflows te bouwen.  

Kortom: automation die niet wordt onderhouden, wordt automation die in de weg zit. Regelmatig opruimen is geen luxe, het is een noodzaak.  

Vraag 4: Hoeveel uur per week besteden je mensen aan het voeden van systemen in plaats van aan hun echte werk? 

Data invoeren, rapporten maken, informatie opzoeken die ergens zou moeten staan maar niet vindbaar is. In veel organisaties gaat een groot deel van de tijd verloren aan zoeken, controleren en handmatig verwerken. Sterker nog: meer dan 40% van je medewerkers besteedt wekelijks meer dan tien uur aan repetitieve taken zoals administratie en handmatige dataverwerking. 

De belofte van automation is dat die frictie vermindert. De realiteit is dat slecht geïmplementeerde automation de frictie soms verhoogt, omdat mensen tijd verliezen aan systemen die niet intuïtief werken of niet aansluiten op hun dagelijkse praktijk. 

Vraag 5: Als je morgen van platform zou wisselen, hoeveel van je huidige setup zou je exact zo weer inrichten? 

Een platformmigratie is de lakmoesproef. Wat zou je opnieuw bouwen? En wat zou je laten verdwijnen? 

De vraag brengt in beeld welke delen van je huidige setup waarde toevoegen en welke delen historisch zijn gegroeid zonder bewuste keuze. Het is een eerlijke spiegel voor iedereen die denkt dat de huidige inrichting ‘gewoon zo werkt’.  

Processen in organisaties zijn zelden heel bewust ontworpen. Vaak zijn ze gewoon historisch gegroeid. Ooit begon iemand iets op een bepaalde manier te doen en anderen namen het over. En als dat lange tijd zo gaat, weet op den duur niemand meer waaróm het zo gaat. Zulke processen, met alle inefficiënties, workarounds en uitzonderingen worden dan geautomatiseerd. Dat levert uiteindelijk meer problemen dan oplossingen. 

Je kunt op die modder niet bouwen. Iedereen zegt dat ze data-driven zijn tot je vraagt om die data te laten zien. Dan blijkt het een berg met goud bovenop en modder eronder. Je kunt op die modder niet bouwen."

Steven Van Duyse, HubSpot Domain Lead

Bedrijfsprocessen automatiseren: waar sta je nu?

Als je de vijf vragen eerlijk hebt beantwoord, heb je al een beter beeld van de situatie in jouw organisatie. Om te bepalen waar je staat, helpt het om te denken in volwassenheidsniveaus. Het automation-volwassenheidsmodel geeft je handvatten om te bepalen waar business automation in jouw organisatie staat.  

Diagram titled "Volwassenheidsmodel" showing maturity levels: Ad hoc, Basis, Gestructureerd, Geoptimaliseerd, Voorspellend, with organizations mostly at level 2.

Niveau 1: Ad hoc Er is geen gestructureerd CRM of automation proces.Er zijn losse tools, handmatige processen en teams werken in silo's. Data is verspreid in de organisatie en er is geen concreet zicht op wat wel of niet werkt. Het kenmerk van dit niveau is niet de afwezigheid van tools, maar de afwezigheid van structuur

Niveau 2: Basis Het CRM wordt gebruikt voor transactionele activiteiten, maar functioneert in de praktijk als een duur adresboek. De adoptie van systemen is laag. Er is weinig tot geen automation en geen helder beeld van de eindklant. 

Niveau 3: Gestructureerd Workflows en automation zijn op orde en er is een 360-graden accountoverzicht. Processen zijn gestandaardiseerd en data governance is gedefinieerd. De uitdaging verschuift hier naar adoptie en onderhoud. 

Niveau 4: Geoptimaliseerd Business automation is volledig geïntegreerd over functies en teams heen. Er wordt gebruikgemaakt van AI-gedreven lead scoring en cross-functionele workflows. Er is een hoge systeemadoptie en er wordt continu verbeterd. 

Niveau 5: Voorspellend Het CRM is een strategische groeimotor. Voorspellende AI en hyperpersonalisatie zijn de norm. Een typisch kenmerk van dit niveau? Een team van acht mensen presteert als een team van zestien, dankzij slimme inzet van automation en AI.

Waar zit jij?

Een snelle manier om het niveau in jouw organisatie in te schatten: 

  • Ga je verder dan voornaam-personalisatie? Niveau 1+ 

  • Heb je segment-gebaseerde regels die gedrag sturen? Niveau 2+ 

  • Worden profielen real-time bijgewerkt op basis van gedrag? Niveau 3+ 

  • Is de ervaring consistent over e-mail, website, ads en service? Niveau 4+ 

  • Is elke interactie uniek per persoon, cross-channel, in real-time? Niveau 5 

De meeste organisaties die we spreken, zitten tussen niveau 2 en 3. De tooling is aanwezig, maar er wordt geworsteld met adoptie, datakwaliteit en cross-functionele afstemming. De kloof tussen niveau 2 en niveau 5 wordt niet gedicht door betere technologie. Die kloof vraagt om beterearchitectuur, organisatie en discipline.  

Bedrijfsprocessen automatiseren begint niet bij de tool

Als je de vijf strategische vragen in deze blog eerlijk hebt beantwoord, weet je nu beter waar je staat. En nu je dat weet, wil je waarschijnlijk weten hoe je de volgende stap zet. Het goede nieuws: je hoeft niet alles tegelijk op te lossen. Begin bij het fundament: People, Process, Information, wat wij het PPIT-framework noemen. De ‘T’ van Technologie staat bewust achteraan. Slechte processen worden niet beter door automation. Ze worden sneller slecht. En als je data niet klopt, automatiseer je de verkeerde beslissingen.  

In de blog ‘Het PPIT-framework: de vier factoren die bepalen of business automation slaagt of faalt’ gaan we dieper in op het PPIT-framework: hoe je de juiste volgorde aanhoudt en voorkomt dat je chaos automatiseert.  

Whitepaper: Vier succesfactoren voor Business Automation

Download de whitepaper CTRL+SHIFT: De vier factoren die bepalen of business automation slaagt of faalt en ontdek hoe je People, Process, Information en Technology op één lijn brengt. Zo werktautomation niet alleen in een demo, maar in de dagelijkse praktijk. 

Close-up of a spiral seashell with iridescent brown and white bands, showing fine textures and details on a subtle blue background.